Luizenprotocol

Waar kinderen veel contact met elkaar hebben, zoals op school, kan de hoofdluis welig tieren. De beestjes kunnen direct oversteken van het ene hoofd naar het andere, of een omweg nemen via jassen en dassen, knuffels en kammen. Luizen kunnen niet vliegen of springen, maar wel lopen.
De juiste aanpak kan voorkomen dat hoofdluis een hardnekkig probleem wordt. Regelmatige controles zorgen er bijvoorbeeld voor dat een snelle behandeling mogelijk is. Zo blijven kinderen elkaar niet besmetten.
Als een kind hoofdluis en/of neten heeft, dan is het advies het haar gedurende twee weken dagelijks te kammen met een netenkam. Eventueel kan het kammen gecombineerd worden met een antihoofdluismiddel. Verder is het belangrijk om ook huisgenoten te controleren en de omgeving grondig schoon te maken. En het moet gemeld worden op school, bij clubjes en vriendjes. Vooral bij schoolklassen is het belangrijk dat alle besmette kinderen uit een groep tegelijk worden nagekeken
en/of behandeld, anders kunnen ze elkaar weer besmetten.

Klik op het plaatje voor het luizenprotocol en de lijst met "luizenouders".